Vertaling van Job

Het boek Job: ingeleid en vertaald door A. de Wilde. Wageningen: H. Veenman en Zonen, 1974. 

Hoe lang nog? Hoe lang nog kan ik doorgaan met rommelmarkten bezoeken en daar vertalingen op de kop tikken waar ik nog nooit eerder van heb gehoord? Al sinds de start van de blog stel ik mezelf deze vraag. Tot mijn verbazing is het einde nog niet gekomen. Vorige week zaterdag was ik op de boekenmarkt van een remonstrantse kerk. Deze wordt elk jaar gehouden, en inmiddels kennen de theologische boekverkopers mij en weten ze dat ik op zoek ben naar Nederlandse bijbels. Ook deze keer weer slaagde ik erin om een vertaling te vinden die ik nog nooit eerder gezien had, te weten van het boek Job. Voor slechts 20 eurocent werd ik de eigenaar van dit werk, en mijn dag was briljant!

Als je het boekje openslaat, heb je het idee dat je lang vervlogen tijden binnenstapt. Het opent namelijk met een intrigerende foto. In een kaal landschap is een ruïne te zien waar een oosterse herder met schapen op toeloopt. Volgens het onderschrift is het de ruïne bij Chirbet- 'Is, 'graf van de heilige Job', waar de bevolking gebeden en geloften doet.' Het maakt mij nieuwsgierig in welk land dit is, en wat voor gebeden en beloften de bevolking daar schijnt te doen. 
In het boek zelf krijg je het idee in de hoogtijdagen van de historische kritiek belandt te zijn, ik kreeg eerder de indruk van de jaren '20 dan van de jaren '70. Achterin het boek staat een lijst van maar liefst vijf pagina's met 'glossen en grotere inlassingen'. Hoofdstuk 41: 5-26 schijnt in zijn geheel een 'grotere inlassing' te zijn. Ook is de hele redevoering van Elihu (32-37) niet oorspronkelijk maar toegevoegd door een 'Deuterojobist'. De verantwoording van de tekst is ook uitgebreid: in een soort geheimschrift wordt uitgelegd welke suggesties in het kritische apparaat van de Biblia Hebraica, Kittel 1951 zijn gevolgd en wordt ook aangegeven welke voorstellen tot emandatie uit de commentaren gevolgd zijn. 

Opvallend is dat de vertaler gemeend heeft dat het grootste deel van Job geschreven is in vierregelige strofen, met af en toe afwisseling naar zesregelige strofen.
Een stuk uit Job 23: 

1. En Job hief aan en zeide: 

2. Bitter is mijn beklag over de Almachtige: 
Hij blijft doof voor mijn gekerm. 
3. O dat ik Hem wist te vinden, 
kon komen tot zijn hof!

4. Ik zou Hem mijn zaak voorleggen
en al mijn grieven te berde brengen; 
5. ik zou zijn antwoorden vernemen
en acht geven op wat Hij mij zeggen zou. 

Toegevoegd op: 21 november 2009

Ga naar:   Startpagina   -   weblog archief

Mijn weblog

Hier schrijf over wat mijn meningen, commentaar bij gebeurtenissen, en alle ander zaken die ik relevant vind voor Nederlands Bijbelvertalingen